INSTRUCTIE voor J.C.S. de Vries, geboren Kretschmer, inhoudende de voorwaarden,
waarop aan haar als hoofdonderwijzeres eene bijzondere School voor meisjes
te Dordrecht van wege de gemeente een Subsidie wordt verleend
van f 400 's jaars loopende van den 1 Januarij tot 31 December

Bron: Erfgoedcentrum DiEP
Archief: archief 121 (schoolcommissie) 
Inventarisnummer: 25 (brief nr. 79b)
* * *

[brief 64b] (11-11-1858) Het zal UEd. Gestr. niet onbekend zijn, dat de Gemeenteraad besloten heeft, de gewone jaarlijksche toelagen aan Mej. de Vries en de wed. Smaasen op de vroeger bepaalde voorwaarden blijvend toetekennen. Ik acht het noodig, dat de Instructie van 30 Junij 1846 herzien, en met de wet op het onderwijs in overeenstemming gebragt wordt; en tevens ook Mej. de wed. Smaasen van eene Instructie voorzien zij. Mitsdien heb ik de eer UEd Gestr te verzoeken, deze te willen ontwerpen en aan mij voor het einde des jaars intezenden.
De Burgemeester van Dordrecht.

* * *
Instructie voor J.C.S. de Vries, geboren Kretschmer, inhoudende de voorwaarden, waarop aan haar als hoofdonderwijzeres eene bijzondere School voor meisjes te Dordrecht van wege de gemeente een Subsidie wordt verleend van f 400 's jaars loopende van den 1 Januarij tot 31 December.

Art. 1.
De School zal toegankelijk zijn voor alle Kinderen, zonder onderscheid van godsdienstige gezindheid.
De hoofdonderwijzeres onthoudt zich van iets te leeren, te doen of toetelaten, wat strijdig is met den eerbied, verschuldigd aan de godsdienstige begrippen van andersdenkenden.

Art. 2.
Er zal Onderwijs worden gegeven in de Nederlandsche, Fransche, Engelsche en Hoogduitsche talen, de geschiedenis, aardrijkskunde en Kennis der natuur, in het Schrijven en rekenen en in zoodanige handwerken, als bij eenen beschaafde opvoeding vereischt wordt.

Art. 3. 
Het Onderwijs wordt gegeven overeenkomstig een, door de hoofdonderwijzeres, in overleg met de plaatselijke Schoolcommissie, Jaarlijks op te maken rooster, die in het Schoollocaal op eene zigtbare plaats moet aanwezig zijn. Daarbij zal gezorgd worden, dat van elke voormiddag-schooltijd een uur aan de Vrouwelijke Handwerken worde gewijd, en dat tweemaal 's weeks onderwijs worde gegeven in het Schrijven en rekenen.
Ook omtrent de te gebruiken leerboeken zal zij steeds voormelde Commissie in overleg treden.

Art. 4.
Er zal school worden gehouden des voormiddags van 9 tot 12 1/2 en des namiddags van 2-4 uur en zulks al de dagen der week, uitgezonderd woensddag en zaturdag namiddag.
Behalve op zon- en feestdagen zullen er drie vacantiŽn zijn, als
- de eerste gedurende de Kermisweek, beginnende de tweede Donderdag na Pinksteren tot en met Woensdag daaraanvolgende; 
- de tweede gedurende vier weken te rekenen van den eersten Maandag in Julij af;
- de derde van den eersten Kersdag tot den tweeden Januarij.


Art. 5.
De hoofdonderwijzeres zorgt voor een genoegzaam aantal bekwame en geschikte hulponderwijzeressen, en bij het onderwijs in rekenen, en schrijven doet zij zich door eenen bekwamen onderwijzer bijstaan.
Burgemeester en Wethouders bevelen hierin verbetering of vermeerdering, zoo, dikwijls hun dit noodzakelijk blijkt te zijn en binnen den tijd door hen te bepalen.

Art. 6.
Zij is verpligt gedurende elken Schooltijd in de School tegenwoordig te zijn en mag daar niets anders verrigten, dan hetgeen tot hare Schoolwerkzaamheden behoort.
Bij aldien zij uithoofde van ongesteldheid verhinderd mogt worden in de School tegenwoordig te zijn of hare betrekking aldaar waartenemen moet zij daarvan dadelijk aan de plaatselijke Schoolcommissie kennis geven.

Art. 7.
Zij zorgt voor een zindelijk, gezond en voegzaam Schoollocaal, van voldoende ruimte, alles ter beoordeeling van Burgemeester en Wethouders, onverminderd tot bepaalde art. 4 der wet van 13 Augustus 1857.
Zij draagt verder zorg dat dit Schoollocaal steeds goed gelucht, verlicht en in den winter behoorlijk verwarmd worde.

Art. 8.
Zij zal slechts viermaal in het Jaar nieuwe leerlingen toelaten: op den eerste Maandag in Februaij, Mei, Augustus en November. Zij laat geene leerlingen op de School toe, zonder overlegging van een getuigschrift van eenen deskundige, dat zij de Kinderziekte, hetzij uit de natuur, hetzij door inenting, gehad of de KoepokinŽnting ondergaan hebben. Na iedere aanneming van nieuwe leerlingen worden die getuigschriften aan de plaatselijke Schoolcommissie toegezonden, op dat door haar hiervan aanteekening worde gehouden.

Art. 9.
Het Schoolgeld zal hoogstens mogen bedragen f 54 in het jaar voor ťťne leerling, waaronder begrepen zijn alle onkosten van Schrijfbehoeften en kleine benoodigheden.
De hoofdonderwijzeres zal voorts omtrent de leerboeken de meest mogelijke Spaarzaamheid in acht nemen, door geene te menigvuldige boeken te doen gebruiken of die te dikwijls te doen veranderen.
In geen geval zullen die boeken door haar mogen geleverd worden.

Art. 10.
Jaarlijks voor de Julij vacantie zal de plaatselijke Schoolcommissie, op eenen door die Commissie te bepalen dag, een geregeld examen houden, ten einde de vorderingen der leerlingen behoorlijk nategaan en beoordeelen.

Art. 11.
Handelt de hoofdonderwijzeres in Strijd met de wettelijke bepalingen op het onderwijs of deze instructie, dan heeft de gemeenteraad de bevoegdheid het subsidie terstond intetrekken, hetwelk haar in zoodanig geval slechts wordt uitbetaald tot den dag van het daartoe strekkend besluit.

Slotbepaling.
Deze instructie treedt in werking met 1 Januarij 1859. De gemeenteraad behoudt aan zich om de voorwaarden daarin vervat ten allen tijde zoo te wijzigen, als hij in het belang van het onderwijs zal raadzaam achten.

Aldus vastgesteld te Dordrecht ter openbare raadsvergadering van den 14 December 1858.
De Burgemeester (get.) Timmers Verhoeven.
De Secretaris (get.) P. v.d. Brandeler.
Voor eensluidend Afschrift De Burgemeester De Secretaris.

(c) EvD Dordrecht december 2009.